Geschreven door Kimberley Roerdink
Verbindend begrenzen: creëer een groeiruimte vanuit liefde, veiligheid en eigenheid
Naar je dochter blijven roepen dat ze van die hete theepot moet afblijven? Je zoon keer op keer vragen om die bal uit de woonkamer te halen? Of van je kind eisen dat ‘ie dat speelgoed opruimt? Drie voorbeelden, één gemeenschappelijke deler: er wordt gedacht dat we begrenzen, maar we doen het niét. ‘Huh, hoezo niet dan? Je geeft toch duidelijk aan wat er (anders) moet gebeuren?’ - Ik snap deze gedachte, maar het is ook precies waar het antwoord ligt. Kan jij ‘m al raden? Ik geef een hint: actions speak louder than words…
Bij het begin beginnen: wat is een grens?
Grenzen zijn nodig om kinderen, anderen, onszelf en spullen en de omgeving veilig te houden. Geef je als ouder een grens aan bij je kind, dan valt hier niet over te onderhandelen. Jij verlangt iets van je kind, deze hoort daar naar te luisteren (‘slaan accepteer ik niet’). Zie een omgeving met grenzen als een veilige en voorspelbare groeiruimte, waarin je kind kan ontdekken en experimenteren. Deze leert wat wel kan, maar ook wat niet oké is. Door deze grenzen scherp te stellen, kan je kind vervolgens in die afgekaderde ruimte zélf de rest van de groeiruimte verkennen. Een soort veilige haven op onze complexe wereld, waarin ze stapje voor stapje hun eigen weg vinden. Zo bied je als ouder veiligheid, maar geef je ook de ruimte aan eigen(wijs) opgroeien. Grenzen zijn…
- Simpel: makkelijk te begrijpen en onthouden
- Concreet: ze gaan over een specifieke situatie
- Congruent: het sluit aan bij jouw eígen waarden en overtuigingen
- Duidelijk: er is geen ruimte voor vrije interpretatie
Zullen we stoppen met zaken als dwingen en dreigen?
Waar een wel is, is ook een niet (hoi, medaille). Zo gaat begrenzen niet over je kind
dwingen
iets te doen, terwijl de situatie veilig is. Verwachten dat deze oma een kus geeft bijvoorbeeld - of verplichten dat ‘ie van die hoge glijbaan afgaat. Het is iets wat je op zo’n moment zélf graag wilt, terwijl er feitelijk niks aan de hand is (en er dus ook niks hoeft te veranderen). Het ironische in deze situatie? Eigenlijk hoef je je kind niet te begrenzen, maar vooral jezelf. Ook zijn grenzen géén
vage instructies. Kinderen hebben behoefte aan duidelijkheid. Als jij zegt dat ze het veilig moeten houden, weten zij niet wat je daarmee bedoelt. Maak het concreet en koppel het aan duidelijke elementen/handelingen (‘ik wil niet dat je met spullen gooit’). Ook zijn grenzen geen
vragen of verzoeken, simpelweg omdat je kind dan met ‘nee’ kan antwoorden (‘Wil je me helpen met…’). Tot slot, misschien wel de belangrijkste, een grens is nóóit een
bedreiging. Lukt iets niet? Help dan. Op het moment dat je gaat dreigen, verliest de grens zijn kracht, schaad je jullie verbinding én zal je kind in het vervolg eerder handelen om de gevolgen te vermijden - niet vanuit intrinsieke motivatie. Oftewel:
straffen (/belonen) is geen duurzame oplossing, verbindend begrenzen wel.
Het goede voorbeeld begint bij….
inkoppertje natuurlijk: jezelf. ;-) Is er in een bepaalde situatie de mogelijkheid om als ouder zelf het goede voorbeeld te geven, dan is dit vrijwel altijd het juiste om te doen. Je kan namelijk blijven roepen dat iets moet gebeuren, maar kinderen zijn gebaat bij - kom ik weer - duidelijkheid. Door de handeling zelf eerst voor te doen - of juist iets te laten - laat je concreet zien wat je verwacht. Jij als ouder bent hét grote voorbeeld voor je kind, wat voor jou een kans is om bepaalde dingen goed over te brengen. Laten we de ‘niet-grenzen’ uit het introgedeelte als voorbeeld nemen en deze ombuigen naar ‘actiematige grenzen’:
- ‘Blijf van die theepot af!’ → zelf de theepot wegzetten
- ‘Haal die bal uit de woonkamer!’ → zelf de bal in de tuin leggen
- ‘Ruim je speelgoed op!’ → samen het speelgoed opruimen
“Waarom test mijn kind mijn grenzen zo?”
Oké, nu je weet wat een grens is, gaan we door naar het volgende punt. Ik weet namelijk zéker dat je jezelf de bovenstaande vraag tenminste één keer in je leven gesteld hebt. Heb ik gelijk? ;-) Het antwoord is eigenlijk heel simpel: kinderen zijn druk bezig met het verkennen van de wereld. Ze zijn kleine avonturiers op deze grote wereld, eager om de regels te achterhalen. Ze proberen te begrijpen hoe de wereld werkt - wat gepaard gaat met herhaling, herhaling, herhaling. Dat ene boek keer op keer lezen, dezelfde liedjes op repeat zetten, die speelgoedtrein tien keer over hetzelfde spoor trekken: het zijn indirecte manieren om te vragen ‘als ik dit nog een keer doe, gebeurt dan hetzelfde?’. Tsja, eigenlijk zijn onze kleine avonturiers gewoon hele grote wetenschappers, op zoek naar de werking van de wereld. Dat betekent ook dat ze af en toe hun grenzen verkennen - en daarmee die van jou als ouder ook. ‘Als ik het tóch doe, wat gebeurt er dan?’, ‘blijft die ‘nee’ een ‘nee’, als ik het écht wil?’ en ‘als jij moe bent, kan het dan misschien wél?’
Ook is het goed om te weten dat impulsbeheersing (het vermogen om eerst te denken, dan te doen) pas ontwikkeld wordt vanaf 6-7 jaar (bij gevoelige kinderen rond 8-9 jaar). Oftewel: als je kind grenzen overgaat, doet ‘ie dat niet om je te pesten, maar vraagt ‘ie eigenlijk gewoon om hulp.
‘Nee’ tegen gedrag, ‘ja’ tegen gevoelens
Dat je kind zo nu en dan je grenzen test, is tegelijkertijd een mooie test voor jezelf. Hier ligt voor jou de uitdaging om bij je grens te blijven, maar tegelijkertijd ook aandacht te hebben voor de emoties van je kind.
Gevoelens erkennen dus, wat weer iets anders is dan gedrag accepteren. Jij mag stevig achter je eigen behoeften en verlangens (= grenzen) staan, maar je kind mag dat ook moeilijk vinden. Sterker nog: dat ervaren is heel belangrijk. Iets niet kunnen of mogen is namelijk onderdeel van het leven en daarmee heel gezond om te ervaren. Tegelijkertijd is het voor jou belangrijk om te snappen dat dit bepaalde emoties oproept bij je kind. Dat je laat zien dat deze er mogen zijn. Lukt het je om ‘nee’ te zeggen tegen bepaald gedrag (grens) en ‘ja’ tegen de gevoelens van je kind (erkenning)?
Applausje jouw kant op, je bent officieel een GevoelsRijke ouder.
Follow the leader (en dat is
niet je kind)
Tuurlijk, soms willen kinderen de leiding nemen. Daar kunnen we het als ouders onder elkaar over eens zijn. Toch, als we kijken naar de oerbehoefte - dat diepgewortelde verlangen - dan willen ze allemaal dat wij de rol van ‘leiders’ op ons nemen. Kinderen weten instinctief gezien namelijk heel goed dat zij niet de leiding moeten hebben over een situatie, omdat het dan onveilig is. Ze hebben ons nodig als rolmodellen. Als een soort navigatiesysteem dat ze zo veilig mogelijk door de situaties des levens leiden. Dat brengt me weer bij het geven van het goede voorbeeld, wat in onze ouderlijke handen ligt. De belangrijkste elementen hierin? Kalmte, zelfverzekerdheid en duidelijkheid.
Kalmte als in ‘het komt wel goed, schatje’. Zelfverzekerdheid als in ‘je hoeft niet aan mij te twijfelen’. Duidelijkheid als in ‘zo gaan we het doen, vertrouw me maar’.
Dat betekent niét dat je altijd maar moet doen alsof alles oké is. Is er echt iets aan de hand? Dan ligt de kracht in laten zien hoe jij je emoties reguleert, zonder overal een antwoord op te hebben.
Een ode aan de ‘nee’!
Say what?
Over die ‘nee’ van onze kinderen gesproken: we mogen deze stiekem best eens wat meer gaan waarderen. Wist je namelijk dat dit dé manier is om een zelfgevoel op te bouwen? Om te ontdekken wie ze zijn? Wat ze fijn vinden - of juist niet? Wanneer ze ons tegenspreken, leren ze dat ze andere mensen zijn dan wij. We zijn immers allemaal uniek, hoe verbonden we ons ook voelen met onze kroost. Durft jouw kind een ‘nee’ naar jou uit te spreken, dan zegt dat veel over jullie relatie. Hij/zij voelt ruimte om voor zichzelf op te komen en krijgt daarmee de ruimte om zichzelf op unieke wijze te ontwikkelen. Kinderen die hun grenzen aftasten, zijn druk bezig met het ontdekken van hun onafhankelijkheid. Ze komen dichterbij hun wensen en verlangens - en daarmee dichterbij zichzelf. Hoe mooi is dat?
8 x tools die helpen bij verbindend begrenzen
Zo, tijd om aan de slag te gaan. Iets lezen is één, maar het echt doen is een tweede. Ik heb acht tools opgesteld die helpen om op verbindende wijze grenzen te stellen. Hier dieper op ingaan? Lees dan zeker door tot het einde, ik heb namelijk iets supertofs voor je ontwikkeld. Enne… niet vergeten: verandering gaat niet over één nacht ijs. Gun jezelf de ruimte om te struikelen en weer op te staan. Perfectie bestaat niet, oprechte inzet wel.
‘Verbindende Grenzen: Hoe Duidelijkheid en Warmte Hand in Hand Gaan’
Geloof het of niet: maar de kennis uit deze blog vormt slechts de basis van het complete verhaal. Er is namelijk nog zoveel meer te ontdekken en te leren (je weet wel, een beetje zoals kinderen dat ook doen). In mijn cursus ‘Verbindende Grenzen: Hoe duidelijkheid en warmte hand in hand gaan’ leer ik je alles over verbindend grenzen stellen. Op een manier dat je trouw blijft aan je eigen behoeften, maar ook aan de gevoelens van je kind. Zo diepen we onder andere de acht tools hierboven uit met concrete voorbeelden en opdrachten, behandelen we waardevolle vragen van mede-ouders en geef ik je heldere handvatten voor de toekomst. Ik zeg: moet je hebben. Het is een cadeau aan jezelf én je kind. 🙂
GevoelsRijke afsluiter: de wereld ontdekken: je kind heeft er een behoorlijke (maar leuke!) kluif aan. Gelukkig ben jij daar als ouder om hem/haar zo goed mogelijk te begeleiden. Om simpele, concrete, consequente en heldere grenzen te stellen én om dat proces van opgroeien zo veilig mogelijk te laten verlopen. Het stellen van grenzen kan voelen als een uitdaging, maar ook hierbij geldt: oefening baart kunst. Blijf achter je eigen behoeften en verlangens staan en stem daar de begrenzing van je kind op af. Durf je kind tegen te komen, maar snap ook dat dit bepaalde gevoelens kan oproepen. Heb oog voor je eigen grenzen, maar ook voor de gevoelens van je kind. Op die manier ontmoeten jullie elkaar ergens in het midden. De ruimte waar verbinding ontstaat.
Over échte mannen (en hoe we onszelf als
vaders zo lekker in de weg kunnen zitten)




